Doop van de Heer – C 13 januari 2019. Muiden.

Gepubliceerd op: 17/01/19

Wij zijn gedoopt, maar de meesten van ons hebben daar geen enkele herinnering aan.
Vandaag de dag zijn er veel ouders voor wie de geboorte van hun kind aanleiding is geworden om eens na te gaan denken over hun eigen geloofshouding: hoe sta ik zelf tegenover God en tegenover zijn Kerk? Voor 'n ogenblik worden ze uit de sleur van het alledaagse gehaald, om opnieuw te kiezen voor het evangelie.
Jezus laat zich aan het begin van zijn openbaar leven dopen door Johannes. Dat weten we intussen wel. Wat vrijwel niemand weet is dat het leven van Jezus ook eindigt met een doopsel! Want in Lucas 12:50 horen we - jaren nadat Jezus door Johannes werd gedoopt - Jezus zeggen: "Ik moet een doopsel ondergaan, en hoe beklemd voel ik Mij totdat dat is volbracht". Jezus staat dan aan de vooravond van zijn kruisweg.
Maar er is een verschil tussen zijn eerste en tweede doopsel: 

  • Bij het eerste doopsel zegt de vader: ‘Deze is mijn welbeminde Zoon’.
    Bij ’t tweede doopsel zegt de Zoon: ‘God, mijn God, waarom hebt U Mij verlaten?’
  • Bij het eerste doopsel scheurde de hemel open.
    Bij het tweede doopsel viel duisternis over het hele land.
  • Bij het eerste doopsel kreeg Jezus de geest.
    Bij het tweede doopsel gaf Jezus de geest.
  • Bij het eerste doopsel vloeide er water.
    Bij het tweede doopsel vloeiden er Water en bloed.

Het is goed voor te stellen dat Jezus bij zijn tweede doopsel zei: ‘Ik moet een doopsel ondergaan, en hoe beklemd voel Ik mij totdat het volbracht is’. Het eerste doopsel van Jezus kunnen we zien als een begin. Dan weet je nog niet waar je leven naar toe gaat. Een belofte van trouw zonder te vermoeden wat die trouw gaat kosten. Een keuze vol enthousiasme, een liefdesverklaring zonder restricties, een priesterwijding in een stralende zon, een huwelijksdag met een geweldige bruiloft. Misschien mogen we ons eerste doopsel zien als het aanvaarden van een opdracht, zonder dat je precies weet wat die opdracht inhoudt.

Vaak kiezen wij in het leven zonder dat wij daarvan de consequenties ten volle kennen. Maar je kunt niet zomaar op je keuze terugkomen. We werden geboren uit bepaalde ouders. Ook die keuze hebben we niet gemaakt. Deze keuze kun je ook niet ongedaan maken. Toevallig waren onze ouders katholiek en Nederlander. In feite hebben zij gekozen dat we christen zouden zijn en Nederlander. Op deze keuze van onze ouders zouden we terug kunnen komen. Maar daar moet je dan zwaarwegende argumenten voor hebben.
De meesten van ons hebben in het leven een partner gevonden. En er zullen best wel momenten zijn waarop je zegt: ‘wat ben ik 'n ezel geweest’, maar het argument om terug te komen op deze keuze zal zwaarwegend moeten zijn. Terugkomen op een gemaakte keuze betekent tijdverlies, en meestal een stuk verloren leven. Zo hebben de meeste mensen gekozen voor een bepaald beroep. Zij kunnen op die keuze terugkomen, maar dat betekent een stuk verloren tijd. Je zult er zware argumenten voor moeten hebben. En natuurlijk denk je ook als priester weleens: ‘heb ik indertijd wel een juiste keuze gemaakt, maar je moet zware argumenten hebben om op die keuze terug te komen. Als je een belangrijke keuze maakt, gaat de hemel voor je open. Dan krijg je de geest.

Iedere idealist is roekeloos, overschat bij z'n eerste keuze zijn krachten. Dat is misschien ook bij Jezus het geval geweest. Maar Hij is niet op zijn keuze teruggekomen. Toen Hij later zei: ‘Mijn God, waarom hebt U Mij verlaten’, kon Hij ook zeggen: ‘Vader, in uw handen beveel Ik mijn Geest’. Johannes de Doper heeft Jezus leren kennen als een drager van Gods Geest. Uit Jezus' optreden heeft hij ervaren dat Jezus de daad bij zijn woord voegt. Hij heeft in Jezus een mens gezien die z'n schouders gezet heeft onder 't karwei dat God Hem heeft opgedragen. Hij wilde er zelfs zijn leven voor geven! Niet als een goedkope roman, maar als een mens die zich gedragen weet door Gods belofte.

Johannes raakt begeesterd. Hij raakt enthousiast, laat zich meeslepen door het nieuwe begin. Ook voor hem was het 'n sprong in het duister. Hij leeft van de belofte van Jezus dat er een nieuwe wind kan gaan waaien, als we de last van dit leven sámen op onze schouders nemen.
Een meisje van 5 jaar noemde Pater Ambro Bakker ‘de meneer van de doping’. Misschien heeft zij wel gelijk. Want het is de bedoeling van elk doopsel, van elke andere keuze trouwens, dat we verslaafd raken. Bij het Doopsel mogen we verslaafd, verslingerd raken aan de weg die Jezus ons door het leven wijst. Een weg die regelrecht leidt naar een hemel op aarde. En die keuze heeft zijn consequenties. Jezus weet daar alles van. Hij heeft de lijdensbeker gedronken tot de laatste druppel. Ook wij worden uitgenodigd om tel­kens weer opnieuw ons doopsel waar te maken, in woord en daad.

Pater Jan Haen C.Ss.R. en Pater Ambro Bakker s.m.a.