4e zondag door het jaar – C 3 februari 2019. Muiden

Gepubliceerd op: 05/02/19

We hebben zojuist gehoord dat Jezus in de plaatselijke synagoge op de kansel staat. De zoon van de timmerman leest voor uit de pro­fetie van Jesaia: ‘De Geest des Heren rust op Mij. Hij heeft Mij gezalfd. Hij heeft Mij gezonden.’ Daarna rolt Jezus de profetenrol van Jesaia weer op. Alle ogen zijn gespannen op Hem gericht. Dan zegt Jezus: ‘die woorden van de profeet Jesaia zijn heden in Mij in vervulling gegaan’. Het gedonder breekt dan goed los!

Is die Jezus niet de zoon van onze timmerman? Wat haalt Hij in Gods naam nu in zijn hoofd? Het is toch maar een zoon van een gewone ar­beider. Het lijkt wel alsof het evangelie geschre­ven is in onze tijd. Want ook wij stellen hoofdar­beid ver boven handenarbeid. Met een witte boord verdien je meer en sta je hoger in aanzien. We krijgen pas wat waardering voor de han­denarbeid, als er bij je thuis iets misloopt. Als de verwarming uitvalt weten we niet hoe snel we de verwarmingsmonteur moeten bellen. En als we 's avonds laat, met een auto die het laat afweten, langs de snelweg staan, kijken we met smart uit naar de man van de wegenwacht en zien dan vol bewondering hoe die man of vrouw, met wat ge­draai aan moeren en bouten, binnen de kortste keren je wagen weer aan de praat krijgt. Dan waarderen we die gouden handjes!

God laat zijn Zoon geboren worden in een arbeidersgezin. Daar hebben de dorpelingen het moeilijk mee. Als het nu de zoon van de notaris geweest zou zijn, of de zoon van een Wetgeleerde of Farizeeër, dan was het te begrijpen! Maar de zoon van een timmer­man! Jezus, zoon van een arbeider. En sterker nog: als Jezus later zijn medewerkers uit­kiest, zijn dat vrijwel geen gestudeerde mensen. Het zijn ongeletterde vissers die met harde arbeid de kost moesten verdienen. Zo was de grote Paulus van beroep ten­tenmaker en Petrus was een visser.  Je had je toch iets anders kunnen voorstellen!

Ook Jezus wordt niet beoordeeld om wat Hij te zeggen heeft, maar zijn afkomst is voor zijn dorpsgenoten voldoende om te weten met wie ze te maken hebben. Jezus ervaart aan den lijve wat het betekent om buiten spel te staan. Nu zal Jezus zich niet hebben verwonderd over de houding van zijn dorpsgenoten. Ook Hij kent het spreekwoord al dat een profeet overal geëerd wordt, behalve dan in zijn eigen moederstad. Maar wat Jezus niet begrijpt is hun enorme haat. Zo blokkeren zij de Geest, zo voelt Hij zich lamgeslagen. Ze keuren zijn woorden af zonder te onderzoeken en te bekijken wat zijn woorden waard zijn. Zijn afkomst is al genoeg voor hen om te weten wat voor vlees zij in de kuip hebben! Ik denk dat het een grote kunst is om in je eigen omgeving profeten te ontdekken. Want wie kan er iets profetisch ontdekken in je eigen vrouw, je eigen man, je eigen kind of buurman en buurvrouw?

Nazareth staat vanmorgen model voor het ongeloof van het Godsvolk. De eerste christengemeenten hebben er erg mee geworsteld. Een Verlosser van eigen bodem die door zijn Volk niet werd (h)erkend. Maar had de profeet Ezechiël al zeshonderd jaar eerder niet voorspeld: ‘Zij zullen weten dat er een profeet in hun midden is, maar luisteren zullen zij niet’ (2:5). Nazareth is ziende blind. Jezus zál en móet de klusjes­man blijven. Hij moet die malle fratsen maar eens gauw afleren! Laat Hij zich maar gauw conformeren aan bestaande verhoudingen! Jezus blijft overeind. Ze hebben Hem aan de rand van de afgrond gebracht, maar Hij gaat midden tussen hen door en vertrekt. En de evangelist Marcus zal in zijn evangelie vermelden: ‘Hij kon er geen enkel won­der doen’ (6,6). Natuurlijk niet, wonderen zijn definitief de wereld uit, waar wij elkaar beoordelen op afkomst en niet op wat wij te zeggen hebben!

Pater Jan Haen C.Ss.R. en Pater Ambro Bakker s.m.a.