Pinksterfeest - 20 mei 2018

Gepubliceerd op: 24/05/18

                  Witte zwanen, zwarte zwanen
                  Wie gaat er mee naar Engelland varen?
                  Engelland is gesloten, de sleutel is gebroken.
                  Maar is er dan geen smid in het land,
                  die onze sleutel maken kan?
                  Laat doorgaan, laat doorgaan.
                  Wie achter is moet voorgaan!’

Vrijwel iedereen kent dit liedje, maar slechts weinigen weten dat het van oorsprong een Paasliedje is. Een liedje over het leven en de dood en Jezus. Witte zwanen, zwarte zwanen, dat zijn de engelen die je begeleiden vanaf je geboorte (wit) tot je dood (zwart). Maar als je de tekst goed leest, zal je merken dat Engelland niet met één ‘l’, maar met twee ‘ll’ geschreven wordt. Het is dus niet het land aan de andere kant van de Noordzee. Het is Engelenland, de hemel. Die is gesloten. Hoe dat is gebeurd? Adam en Eva, beeld van elk mens, weten er alles van! De aarde ligt in puin, de sleutel van de liefde is gebroken. En met smart wachten we op een smid die de sleutel, die toegang verschaft tot dat Engelenland, weer zal maken. Jezus heeft er geen enkele twijfel over laten bestaan hoe die sleutel van de Hemel er uitziet. Het is de sleutel van de liefde, de sleutel van alle gerechtigheid. De sleutel van ‘de eersten zullen de laatsten zijn’, die door de hemelpoort mogen gaan!

Met Pasen heeft Jezus zijn doel bereikt. Hij is terug bij de Vader in zijn Engelenland. De sleutel van de liefde heeft Hij achtergelaten.  Jezus is in de Vader, en de Vader is in Hem. Jezus is terug in Engelenland. Zijn vrienden begrijpen daar niets van. Ze hadden het Jezus nog gevraagd: ‘Jezus, waar woont U?’ Toen had Hij gezegd: ‘Dat zul je wel zien, volg me maar’ (Joh.1:38). En ze waren Jezus gevolgd. Drie jaar lang hadden ze proberen te begrijpen wat Jezus wilde zeggen. Ze waren getuige geweest van zijn woorden en daden vol goedheid. Hij was in al die jaren hun voedsel en drank geweest. Maar daar zit­ten ze nu: de deuren potdicht.
Engelenland leek voorgoed gesloten. Zelfs over wat Jezus hen duidelijk had willen maken, waren de leerlingen het niet eens. Jezus had hen voorzegd: ‘Het is beter dat Ik heenga, want dan kan ik de Geest over u zenden (Joh.16:7). Het was alsof Jezus zelf de geest in de weg stond. En daar zaten de leerlingen nu, hun enthousiasme verdwenen, het laaiend vuur van het begin gedoofd. ‘De sleutel naar elke toekomst leek voorgoed gebroken’. En de smid die hem maken kon, was terug in zijn Engelenland. Ze hadden er langzamerhand schoon genoeg van om tegen de stroom in te zwemmen.

Tegen de stroom in zwemmen. Misschien weet u dat een zalm altijd terug zwemt naar de plaats waar hij geboren is. Ook een zalm moet dan tegen de stroom in zwemmen. Hij moet watervallen nemen van beneden naar boven. Hij moet tegen harde rotsen op­springen. Hij moet sluizen en hengelaars passeren. Maar hij houdt vol totdat hij terug is bij zijn oorsprong. Ook wij moeten vaak tegen de stroom in roeien. Een kleine waterval - van beneden naar boven - is voor velen onneembaar. En als het je lukt, komen de hengelaars - zoveel mensen die zich met jou en je idealen willen bemoeien. Nee, dan maar liever je mee laten drijven op de brede stroom van de massa. Dan maar liever kiezen om te worden ingeblikt!

Ook Jezus wilde graag terug naar zijn Vader, naar het Engelenland, zijn oorsprong. Hij wist dat Hij zijn Vader alleen maar kon bereiken, als Hij tegen de maalstroom van zijn tijd in durfde zwemmen. Als heel de wereld nee zegt, zegt Jezus ja tegen hen die worden af­geschreven. En op het einde van zijn leven nam Hij zijn zwaarste hindernis: Golgotha. Zijn eigen veiligheid had Hij ondergeschikt weten te maken aan zijn idealen van liefde en vrede. Zijn leerlingen begrijpen dat niet. Verslagen zitten ze bij elkaar.
Maar plotseling gebeurt er iets waardoor ze weer in beweging komen. Ze raken begees­terd en bezield. En opeens voelen ze het, ze zijn eruit! Het zaad van alle gerechtigheid is in de aarde verdwenen, maar het zal in hen tot nieuw leven komen! Dat geeft hen nieuwe kracht en nieuwe moed. Niet voor niets hebben ze drie jaar lang zijn Geest ingeademd. Het brandt nu in hun binnenste. De tongen komen los, de deuren gaan open.

Buiten vieren de inwoners van Jeruzalem het Loofhuttenfeest. Het is het feest van de nieuwe oogst. En de leerlingen getuigen: luistert, mensen, het zaad ís opgekomen. Jezus, de Gekruisigde, is niet dood maar leeft! Hij is als zaad in de donkere aarde gevallen, maar Hij is er weer! Nee, we zijn niet dronken van de wijn, we zijn dronken van Hém! En zo wordt die dag van beslissende betekenis voor de vrienden van Jezus. Misschien ook van beslissende betekenis voor ons! Jezus leeft! ‘Midden onder u staat Hij die gij niet kent!’ En Zijn vrienden durven het aan: om ook tegen de maalstroom van hun tijd in te zwemmen. Zij gaan in het spoor van de Gekruisigde. Velen vallen onder het geweld en gaan ten on­der. Maar het vuur is niet meer te doven. Het Engelenland is in zicht. En ze voelen: waar wij het niet meer weten, zal de Geest van Jezus ons in het rechte spoor houden. Ze zullen er komen, als ze aankomen met de sleutel van de liefde. Want zo eenvoudig is het: waar we de liefde als sleutel gebruiken, breken de deuren vanzelf open…
Zo wordt Pinksteren het feest van de nieuwe oogst. Maar arbeiders zijn er weinig. Hém volgen betekent, ook in onze tijd, tegen de maalstroom van deze tijd (naam maken, geld verdienen, carrière maken) ingaan. Op andere momenten in het leven de klemtoon dur­ven leggen dan op bezit en goederen. Misschien is het dat wat Jezus bedoelde, toen Hij bad: ‘Vader, ze zijn niet van deze wereld, zoals Ik niet van deze wereld ben’. Het evangelie van de Liefde, van Gods geest, mag de sleutel zijn die het Engelenland weer voor ons opent. Die sleutel moeten we leren hanteren. We mogen daar ons leven lang over doen. Leren liefhebben, tegen de verdrukking in, gedragen door Zijn Geest van Liefde en Vrede, levend van Zijn vergeving. Zo zendt Hij ons uit met zijn uitdagende woorden, waarmee wij deze wereld in Gods Engelenland mogen herscheppen: Vrede zij u!

Wij wensen u een zalig en vruchtbaar Pinksterfeest.

Pater Jan Haen  C.Ss.R. en Pater Ambro Bakker s.m.a.