Hoogfeest van Kerstmis – nachtmis 24 december 2019. Muiden. Dagmis 25 december - Weesp

Gepubliceerd op: 27/12/19

Als jullie afgelopen zaterdag later in de middag door Weesp liepen, dan zijn jullie het kerstverhaal levendig tegengekomen. Ontzettend mooi. Gisterenavond was er een kinderviering in de kerk waar het kerstverhaal door kinderen verteld werd. Iets soortgelijks gebeurde ook in onze kerk in Muiden. Het kerstverhaal met kinderen naspelen. Meestal is het kindje Jezus een pop. Maar soms lukt het om een echt kindje deze rol te laten spelen. Dit was eens het geval met Keesie. Hij was het kleinste jongetje van het gezelschap. Een grote ijzeren prullenbak werd gebruikt als kribbe. et kindje Jezus is dan dikwels een dol. Maar soms gebeurt het dat een echt kind deze rol speelt. Dat was het geval met Keesie.
Maar toen later het spel was afgelopen, kon Keesie niet meer uit de ijzeren prullenbak komen. Hij ging tekeer als een heilig speenvarken toen men probeerde hem eruit te trekken. Waar Keesie nu is, weet ik niet.

Maar goed; Keesie lag in een prullenbak, waar hij niet meer uit kan komen. Jezus lag in een voerbak. En wij willen ook niet dat Hij uit die voerbak komt. Want pasgeboren kinderen zijn schattig en mogen niet te gauw groot worden. Want dan krijgen ze een eigen mening, een eigen stem. Dan hebben we ze niet meer onder controle. Dan blijven ze 's nachts tot drie uur in de dancing hangen en lig je zelf de halve nacht wakker! Nee, laten we nog maar even blijven genieten van dat kleine kindje. Kinderen zijn groot voordat je het in de gaten hebt!

Ook Jezus willen we graag klein houden. Een klein kind is weerloos, kan nog geen woord uitbrengen, kan niet tegenspreken. Maar toch vergissen we ons, want het gaat ook bij dit Kind Jezus, om een mens die later zijn eigen weg zal gaan. Het zal de weg gaan van mensen die terecht zijn gekomen in de prullenbak van het leven.

In de kerstnacht is het gebeurd: een kind geboren, een lied gezongen, de hemel openge­gaan. En in de kerstnacht kan van alles gebeuren. Dichters en dromers hebben dat her­kend. Kinderverhalen hebben het beschreven. Want het is de nacht van de visioenen van de profeten. De nacht van dromen en wonderen. De nacht waarin mensen elkaar om de hals vallen. Midden in de winternacht ging de hemel open. Een oud lied over flitsen van een nieuwe wereld die binnen handbereik is gekomen. In de kersttijd vertellen we elkaar warme kerstverhalen. Over mensen die weer goed worden op elkaar, over verloren zonen die eindelijk weer thuiskomen. Over een verdwaald kind dat de weg terugvond en van 'n arm gezin dat op het nippertje gered wordt van de honger­dood. Van dronkenlappen die voorgoed nuchter en gierigaards die waanzinnig gul worden. Van soldaten die ineens de wapens neerleggen. En van klokken die op een won­derbaarlijke manier vanzelf gaan luiden. Heerlijke verhalen. Verhalen over verlangen en verwachting. Wakker geroepen door het verhaal van die eerste kerstnacht.

De kerstnacht. Wat zou je willen dat er écht zo'n nacht was. Al was het maar éénmaal per jaar! Stille nacht, heilige nacht! Nergens geweld, nergens agressie. Ophouden met martelen. De dood één dag buiten de deur. Een adempauze in pijn en verdriet. Mensen die elkaar alleen maar liefhebben, dwars door alles heen. Een nacht zonder angst. Een wereld die lijkt op het land van onze dromen, en God rakelings nabij. Dat zou je willen. Zo'n nacht zou je inspireren om morgen weer vol moed aan de gang te gaan.
In de kerstnacht kan van alles gebeuren. Maar in die eerste nacht gebeurde er niets. Nou ja, er werd een kind geboren: een wonder, een godsgeschenk, - maar voor dit kind moes­ten de ouders wel de beestenstal in. Er wordt verteld van een proclamatie van hogerhand en van muziek door de hofkapel uit de hemel, imposant genoeg,  maar het bereikte alleen de mensen van de onderkant: herders waren het. (Geen herdertjes, ze zouden zich doodlachen, als ze zagen welke plaats ze nu innemen in onze kerststal en onze kerstliede­ren!) Verder gebeurde er niets. De wereld veranderde niet. Er brak op aarde geen vrede uit. Geen keizer en geen koning viel van zijn troon. Soldaten hadden hun messen al ge­trokken. En de grote tempel had nergens boodschap aan.

Waarom, zijn we dan vannacht (deze kerstochtend) tóch samen? Waarom vieren we toch weer feest? Omdat er woorden gebeuren. Grote woorden, je raakt er niet op uitgekeken. En de (laatste) woorden klinken als mokerslagen: ‘Vrede op aarde voor mensen van Gods welbehagen.’ Van die wereld droomde de profeet Micha, droomde de profeet Jesaia. Het was de droom van alle profeten. Zij hebben gezien hoe het móet. Maar het kerstkind heeft ons laten zien hoe het kán! Een Bergrede vol. Woorden die Hij zelf naleefde. Over vergeven en de eerste stap, over ontwapenend omgaan met elkaar, over samen delen, over gerechtig­heid laten voorgaan boven dat miezerige getob over je eigen belangen, over muren weg­breken en grenzen overschrijden.

Misschien kijken we in de kerstdagen wat teveel naar de sterren en te weinig om ons heen. Vanuit het Evangelie begrijp ik dat mijn wijze van omgaan met mensen, mijn manier van praten, mijn keuzen en beslissingen, méér invloed hebben dan ik dacht of durfde verwachten. Nee, het is niet de nacht waarin van alles kan gebeuren, de nacht van wonderen en sprookjes. Maar ik weet, ik hoop, ik geloof, dat door het geheim van deze nacht wél van alles gebeuren kan. Want het geheim van vannacht is dat God zichzelf gemengd heeft in onze mensengeschiedenis en partij gekozen heeft voor de vrede. Jezus is daar het levende bewijs van. Keessie uit de prullenbak, Jezus úit de voerbak. Hij gaat straks het volle leven in. Want daar moet worden waargemaakt wat we vannacht moch­ten vernemen: ‘Vrees niet’ en ‘Vrede op aarde, aan de mensen van goede wil!’.

Pater Jan Haen C.Ss.R.